|
Goede vraag is op zijn minst wie zich zo'n vraag nu nog stelt? Voor Ben was die vraag nieuw en hij koos, gemakzuchtig als hij is, voor zink, te
betrekken bij de loodgieter om de hoek, nu ja vele jaren geleden dus... dit is een oud verhaal, voor mensen die geïnteresseerd
zijn in geschiedenis. Hij had geluk, want al zijn eerste cliché's leverden prima afdrukken op. Nu grijpt salpeterzuur nogal
driftig in op het blootgestelde zink. Kenners herkennen dat aan de rafellijntjes van zinkets-afdrukken. Zink is ook een zacht metaal, wat wil zeggen dat na honderd afdrukken de
kwaliteit zichtbaar terug gaat lopen. Iets minder bij lijnetsen, maar wel merkbaar bij aquatinten, de grijstonen in een ets, zo mooi dat elke drukker van rasters er vol
ontzag voor terugdeinst. Ben was als half verstaander, genoeg gewaarschuwd en besloot onmiddellijk op koper over te
stappen, waarbij de lijntjes immers haarscherp blijven, vanwege de eigenaardigheden van dat etsproces via ijzerreductie. Langs de weg te vreten lijn zet zich een isolerend residu
af... houdt de lijn superscherp en maakt de groef dieper, al vreet het proces energie, want ijzerzout reageert nogal traag in oplossing, maar in een warm bad wil het nog wel eens
bijten voor de ongeduldige etser, die ook niet zomaar klaar is met zo'n eerste cliché. Voor de goede verstaander heb ik nu al veel verklapt, maar zelf betwijfelt Ben of
die keuze voor koper nu wel zo gelukkig was. Zijn etsen verkopen immers slecht. |
 |